Casus 2: Waarom had mijn zoon Mark meerdere malformaties?

In de familie van Patricia de Vries-Smit hebben meerdere mensen vroege miskramen gehad (III:2, III:4 en III:5) en zijn 2 kinderen met meerdere malformaties snel na de geboorte overleden: Mark (III:3) en Janet (II:3).

De stamboom van de familie de Vries-Smit

 

stamboom familie de Vries-Smit

Vraag

ALLES OPENEN
  • Interpretatie

    Het valt op dat Janet meerdere malformaties had en snel na haar geboorte overleed. Wellicht had zij dus dezelfde aandoening als Mark. Ook zijn er in deze familie meer miskramen dan men zou verwachten.
    De kinderen met meerdere malformaties zijn van beide geslachten. De aandoening komt voor in verschillende generaties.

  • Erfelijkheidsoverwegingen
    • Dominante overerving is onwaarschijnlijk omdat geen van de ouders zelf is aangedaan.
    • Autosomaal recessieve overerving is onwaarschijnlijk omdat  de schoonouders van Patricia(I:3 en I:4), Patricia en haar man (II:1 en II:2) en haar zwager en schoonzus (II:4 en II:5) allemaal dragers zouden moeten zijn voor dezelfde autosomaal recessieve ziekte. Dit is zeer onwaarschijnlijk. Het is ongebuikelijk dat een autosomaal recessieve aandoening in opeenvolgende generaties optreedt, omdat dan de partner (van buiten de familie) ook weer drager zou zijn van dezelfde autosomaal recessieve aandoening. (In zeer gesloten gemeenschappen waar veel onderling wordt getrouwd is dit overigens weer waarschijnlijker, in Nederland bijv. Katwijk en Volendam.) Zie ook onze informatie over dragerschapstesten. De stamboom laat zien dat in deze familie geen sprake is van consanguïniteit.
    • X-gebonden overerving is uitgesloten, omdat zowel een man als een vrouw is aangedaan, de man die de gemeenschappelijke factor vormt tussen de aangedane kinderen de aandoening zelf niet heeft en hij een aangedane zoon heeft gehad (die zijn vaders Y-chromosoom heeft, en niet het X-chromosoom).

    Chromosomale afwijking

    Gezien de vroege miskramen en de twee kinderen in verschillende generaties met meerdere malformaties, kan men denken aan een chromosomale afwijking. Omdat geen van de ouders de aandoening heeft, is een gebalanceerde translocatie bij één van hen het meest waarschijnlijk. Hierbij zijn twee chromosomen ‘gebroken’ en de stukjes verwisseld weer ‘vastgeplakt’. Zie onderstaand plaatje bij translocatie. (Bron: Wikipedia). Ouders met een gebalanceerde translocatie hebben zelf geen klachten of verschijnselen, omdat alle erfelijke informatie immers 'gewoon' in 2-voud aanwezig is.

    Casus 2 chromosomale afwijkingen

    Bij iemand met een gebalanceerde translocatie kan bij de verdeling van de chromosomen in de eicellen en de zaadcellen de totale erfelijke informatie ongebalanceerd verdeeld worden.
    Kinderen zijn gezond als ze beide ‘normale’ chromosomen krijgen of allebei de getransloceerde chromosomen (totale erfelijke informatie is dan immers volledig). Wanneer ze één ‘normaal’ chromosoom en één getransloceerd chromosoom krijgen hebben ze van een deel van het erfelijk materiaal drie kopieën (één teveel) en van een deel maar één kopie (één te weinig).

    Aanwijzingen dat een chromosomale disbalans (bijvoorbeeld te veel of weinig kopieën van bepaalde genen) de oorzaak is in een familie, zijn:

    • er zijn meer miskramen dan mag worden verwacht
    • de aangedane kinderen hebben meerdere malformaties in verschillende organen
  • Naschrift

    Het blijkt dat Patricia's man drager is van een gebalanceerde translocatie. Bij zijn dochter Roos zijn geen aanwijzingen dat zij een ongebalanceerde translocatie heeft, maar zij zou de translocatie in gebalanceerde vorm kunnen hebben geërfd. Bij translocaties is deze kans afhankelijk van het type translocatie (o.a. de breekpunten van het chromosoom. Het is dan ook belangrijk om andere familieleden een onderzoek aan te bieden om het dragerschap van deze gebalanceerde translocatie uit te sluiten.

  • Datum laatste update/revisie: 21-10-2019